WK Masters Baselga: Frank Steenkamp geklopt door de Italianen
zondag, 28 februari 2010 21:40

Dit weekend zijn de WK Masters verreden op de baan van Baselga in Italië. Ook op dit prestigieuze toernooi heeft de IJVL een deelnemer gehad in de persoon van Frank Steenkamp.  Hij werd 17e in de categorie 55 tot 60 jaar. “Het was een feest om mee te doen. Maar mijn eigen resultaat? Dat moet volgende keer beter.” (Volledige uitslag)

 

Frank doet verslag ……

 

Al een paar jaar schaats ik masterwedstrijden op nationaal en internationaal niveau. Want het is leuk om je te meten met leeftijdsgenoten uit alle windstreken. Van de oersterke boer uit Oudewater, via de Finse onderwijzer, tot KNSB-directeur Victor van den Hoff. Hij is van mijn jaar, altijd serieus bezig met zijn sport en schaatst nèt wat harder: 40,5 en 2.00 zijn leuke tijden voor een oude man. Victor is al jaren wereldkampioen. De naam (overwinnaar) zegt het al.

 

Zondag 21. We komen aan in Baselga, een gezellig dorpje in de Italiaanse Alpen - met een ijsbaan op 1000 meter hoogte. Hier wil ik het weer eens proberen. Na een pittige blessure was ik in november al in vorm. Daarna veel te druk met werk, dus ook matige tijden gereden. Maar met wat extra slaap en vier dagen trainen op deze hooglandbaan moet het lukken: een plaatsje bij de laatste 16, en dus meedoen met de 5000 meter.

 

Maandag 22. Het slapen gaat goed en het inrijden ook. Op aanwijzen van mijn Nootdorpse coach Ben van Hagen schaafde ik aan mijn bochten (linkerschaats meer parallel de bocht doorsturen!), en probeerde ik dieper te blijven zitten. En steeds was ik na drie of vier rondjes flink buiten adem. Mooi, dacht ik: dat prikkelt de aanmaak van rode bloedlichaampjes!

 

Dinsdag 23: ‘persconferentie’ in hotel Olympiq. Zeven Italianen en een Duitser met Italiaanse achternaam steken hun betoog af – vooral in het Italiaans. Ik begrijp dat alle schaatsers “una granda famiglia” zijn, en dat ze erg blij zijn met de komst van 200 oudere schaatsers met hun aanhang. Men zal ons een onvergetelijke week bezorgen. Dat wordt het ook. En dat komt niet eens door de 10.000 meter van Sven, die we deze dinsdag met vijftien Nederlanders via Radio 1 op mijn laptop volgen.

 

 Donderdag 25. Bij de loting blijkt dat ik op twee afstanden tegen de wereldkampioen mag rijden. Een hele eer! Ik besluit rust te houden, om de volgende dag extra te vlammen. Als het maar redelijk weer blijft – want er wordt neerslag verwacht. Ik slaap rusteloos, en word vijf keer wakker.

 

Vrijdag 26. Helaas, natte sneeuw. Daar houden ze in Baselga niet van. De sneeuwvlokken en druppels vriezen vast, het ijs wordt een grindpad. Dames komen ontgoocheld van het ijs af. Sommigen hollen naar acceptabele tijden, maar de glijders lopen vast. Kees Verdouw, regerend kampioen bij de 65’ers, rijdt de 500 meter niet in 44,5 maar in 52,4 seconden! Die klap komt hij niet meer te boven.
Een half uur later sta ik aan de start. Victor vliegt weg, en ik begin mijn eigen race. Op de kruising krijg ik snelheid en ik zet aan voor de laatste binnenbocht.

 

Maar oh: ik vergeet korte stapjes te maken, en sturen blijkt onmogelijk! Voor ik het weet vlieg ik naar buiten, door de blokjes heen. Pas vlak voor de kussens kan ik een linkse hoek maken en terughollen naar mijn baan. Tijd: 51,40, tegen 44,46 voor Van den Hoff. Allebei ontevreden, maar ik wel het ergst.
Nog kwader word ik als het om 2 uur droog wordt en de wat jongere mannen na een extra dweil supertijden halen. We zien een Zwitser 39,8 en 40,6 rijden. En Willem-Jan Molleman (30-plus) sprint naar een nette 41,2.

 

Zaterdag 27. Vandaag moet mijn inhaalrace beginnen. Het is droog, en zonnig. Dat laatste heeft nadelen, merken we op de 1500 meter. Wie wat zwaarder is, zoals ik, zakt dieper in het ijs weg. Dat maakt de laatste twee ronden zwaar. Mijn eindtijd van 2.21,52 is matig: ik ben er 15e mee, van de 25.
Eind van de middag probeer ik het nog eens, op de 3000 meter. Dit keer dieper zitten, meer zijwaartse afzet. En ondanks het zachte ijs gaat het aardig. Hoewel: mijn rondes lopen op van 37 naar 40, en even later 41. De benen lopen vol, en ik finish in 5.06,9. Dat is 31 seconden trager dan indertijd in Calgary. Opnieuw ben ik nummer 15.

 

 

 

Zondag 28. Ik kan niet tegen mijn verlies. In de startlijst van de 5000 meter ontbreekt mijn naam. Een Nederlander en een Italiaan die beiden achter me bleven op de 1500 en 3000, staan er wel. We vragen opheldering bij Deborah Sighel, de vrouw van de wereldkampioen uit 1992. Maar zij kent de ISU-reglementen beter dan wij. Terecht gaat haar landgenoot Flavio Rigon voor. En ik speel de rest van de dag hulpcoach.
Langs de baan beleef ik nog heel wat piekmomenten mee. Het is droog èn bewolkt, het ijs is perfect, en podiumkandidaten vechten het uit op de slotafstand. Dat levert prachtige races op. Een paar kampioenen komen ons na hun race dolblij bedanken voor het rekenen en de aanwijzingen. Maar onder onze ogen kiezen ook twee Nederlanders de verkeerde wissel. Gelukkig waren het geen medaillerijders…

 

Slot. ’s Avonds in een grote tent met uitzicht over de ijsbaan: een vorstelijk slotbanket.  Podiumkandidaten. Lekker napraten, en verbaasd luisteren naar de Russische schaatsster Elena Rubina die de microfoon leent van de live band. Gestoken in ultra-minirok en met geblondeerd haar tot op de heupen geeft ze met lange uithalen een vaderlandse popsong ten beste. De ouwetjes slaan elkaar nog eens op de schouders, en zeggen: tot ziens in Thialf, bij de seizoensafsluiting.

 

 

wie is online?

We hebben 51 gasten online